De derde persoon

 De verhalen ken ik natuurlijk. Vroeger toen ik nog jong was, gebeurde het bij mij ook. Toch ervaar ik het zelden meer. Gelukkig maar, want het blijft ongemakkelijk.

Tot een paar weken terug. Mijn man en ik waren samen een weekendje op Texel. Tandem mee en mooi weer. Dus heerlijk fietsen, wandelen langs de branding en zwemmen in zee. We verbleven in een hotel. Nadat we op één van de dagen langs het ontbijtbuffet waren gelopen, streken we neer aan een tafeltje. Het was drukker dan de dag ervoor. Mijn man haalde nog even wat te drinken voor ons. Toen hij weer zat gebeurde het. Een dame aan het tafeltje naast ons zei: “Sinds mijn moeder slecht ziet, kan ik me er meer bij voorstellen, maar zij weet natuurlijk niet beter.” Eerlijk gezegd drong het eerst niet eens tot mij door dat ze het over mij had. Tot mijn man reageerde. “Zij weet niet beter?” Waarbij hij de nadruk op ZIJ legde. Meestal volgt er dan nog iets als “Zij kan ook praten hoor, misschien moet u het aan haar vragen,” maar hij wachtte duidelijk op mijn reactie. Daarom volstond ik met: “Als u mij bedoelt, ik weet wel beter hoor.”

Het bleef stil. Dus dacht ik, oké ik ga u helpen.

“Ik weet wel hoe het is om te kunnen zien hoor, maar ben al jaren gewend aan deze situatie.”

De vrouw wist even niet meer wat ze moest zeggen en dus pakte ik het gesprek met mijn man weer op over wat we die dag zouden gaan doen. Ik hoorde haar nog tegen haar man zeggen: “Oh zij heeft dus wel kunnen zien dat is ook wat.”

Wij hadden beiden duidelijk geen zin in dit gesprekje en lieten het verder zo.

Soms is het lastig om te weten wanneer iemand je aanspreekt. Laatst was ik met een vriendinnengroep uiteten. De ene keer wordt de bestelling in een rondje langs de tafel opgenomen, de andere keer gaan ze steeds eerst naar degene aan de overkant. Ik moet dan altijd goed opletten en soms valt mijn bestelling in het luchtledige. Mijn vriendinnen helpen indien nodig dan een handje, maar ze zeggen nooit: “zij wil…” Ze zeggen: “Ellen wat wil jij?” zodat ik zelf mijn bestelling kan doen.

Ook onze kinderen leerden al jong dat ze nooit voor mij antwoord gaven. Toen ze klein waren, schroomden ze ook niet hun waarnemingen hardop te verwoorden. “Wat zit je nou te kijken? Dat is gewoon mijn moeder hoor, die kan alleen niet zien.”

En inderdaad ik ben een “zij”, ik geef meestal gewoon antwoord op je vragen. Zelfs als die een beetje ongepast zijn. Maar op wat wil zij drinken of kan ze echt niks zien, geven mijn familie en vrienden gelukkig nooit antwoord.


Reacties

Populaire posts van deze blog

Àfkijken

Inclusie, hype of trend?

Boem is ho!