Posts

Op gevoel mijn weg vinden

Afbeelding
  Ik zie mezelf nog zitten. De grote reliëfplattegrond uitgespreid op de vloer. Dat ding bestond uit enorme losse kaarten die je aan elkaar kon leggen om een hele route te plannen. Er stonden cijfers naast de wegen, zodat je in de legenda de straatnaam op kon zoeken. De kaarten waren veel te groot om mee te nemen dus leerde ik vooraf de route uit mijn hoofd. Eenmaal op pad vroeg ik voorbijgangers naar de straatnaam om zeker te weten dat ik goed zat. Ik heb op die manier heel wat plekken bereikt en had daar enorm plezier in. Dan is er tegenwoordig met alle navigatie-apps een boel veranderd. Destijds had ik de tijd, mijn studie was klaar en ik was driftig op zoek naar werk. Ik woonde in Groningen waar ik voor mijn afstudeerstage en het waterskiën terecht was gekomen..   Het is 30 jaar later als ik door diezelfde straten loop. Na het horen van enkele straatnamen komt langzaam de plattegrond weer in mijn hoofd tevoorschijn. Ook ga ik langs bij oude bekenden van het waterskiën...

De derde persoon

Afbeelding
 De verhalen ken ik natuurlijk. Vroeger toen ik nog jong was, gebeurde het bij mij ook. Toch ervaar ik het zelden meer. Gelukkig maar, want het blijft ongemakkelijk. Tot een paar weken terug. Mijn man en ik waren samen een weekendje op Texel. Tandem mee en mooi weer. Dus heerlijk fietsen, wandelen langs de branding en zwemmen in zee. We verbleven in een hotel. Nadat we op één van de dagen langs het ontbijtbuffet waren gelopen, streken we neer aan een tafeltje. Het was drukker dan de dag ervoor. Mijn man haalde nog even wat te drinken voor ons. Toen hij weer zat gebeurde het. Een dame aan het tafeltje naast ons zei: “Sinds mijn moeder slecht ziet, kan ik me er meer bij voorstellen, maar zij weet natuurlijk niet beter.” Eerlijk gezegd drong het eerst niet eens tot mij door dat ze het over mij had. Tot mijn man reageerde. “Zij weet niet beter?” Waarbij hij de nadruk op ZIJ legde. Meestal volgt er dan nog iets als “Zij kan ook praten hoor, misschien moet u het aan haar vragen,” maar ...

Smeer het maar in je haar

Afbeelding
  Zeker, ook ik ben schuldig. Het eerste wat ik doe als ik me in de trein installeer, is mijn oortjes in doen. Tijdens de vroege heenreis naar mijn werk luister ik naar de radio. Vaak met een half oor omdat ik nog duf ben. Ik vertrek bewust vroeg, want bij elk kwartiertje later, wordt het een treinlading drukker. Op weg naar huis luister ik vaak een podcast of boek. Ik ga vrijwel altijd in de stiltecoupé zitten dan heb ik geen last van kletsende medereizigers. Het enige dat je hoort zijn typende vingers op laptops en een enkel pingeltje van een binnenkomend bericht. En o ja, mensen die ’s morgens hun bakje yoghurt naar binnen lepelen. Iedereen zit in zijn eigen coconnetje, in zijn eigen wereld, vaak compleet afgesloten van wat er om hen heen gebeurt. Meer dan eens duurt het even voor mensen mij na binnenkomst zien zoeken naar een vrije plek of laten mensen achteloos de klapdeur los die ik vervolgens tegen me aan krijg.   Gelukkig zijn er ook veel zeer attente en behulpza...

Je ziet het pas als je het doorhebt !

Afbeelding
  Het is zoiets als oog hebben voor of   snappen waarom. Best logisch dat je het niet ziet als je er nooit mee geconfronteerd wordt. Soms hoor je de kwartjes vallen. Die keer dat ik met een collega op kraambezoek ging bijvoorbeeld. We liepen samen door een drukke binnenstad. Smalle stoepen, winkelborden, tegenliggers en auto’s met twee wielen op de stoep. Steeds moesten we op straat lopen “Tjonge,” verzuchtte hij, “ik had me nooit gerealiseerd dat er overal zoveel obstakels zijn. Nu zie ik ze pas.” Of in de stromende regen samen met je directeur naar een overleg wandelen. Ineens valt haar het laveren om de plassen op en hoort ze hoeveel lawaai het verkeer maakt op nat wegdek. “Hoe doe je dat eigenlijk als je alleen loopt? Krijg je niet vaak natte voeten?” En extremer: in een propvolle metro middenin Parijs merkt je collega op “Oh, ik geloof dat ik nu begrijp waarom je samen wilde reizen. Ik dacht eerst nog, waarom vraagt ze dat? Ze is toch hartstikke zelfstandig. Maar ik...

Iedereen kijkt!

Afbeelding
 Drie generaties samen op pad. Zon, zee, strand en zwembad. We eten te veel, liggen loom in de zon en wandelen door de branding en over de boulevard. Ik vier vakantie op Gran Canaria samen met mijn jongste zoon, mijn middelste zus en mijn 85-jarige moeder. Het ene moment ben ik de moeder die de rug van haar zoon insmeert, het volgende ben ik dat meisje dat met haar zus de grootste lol heeft, in zee en dan loop ik als dochter aan de arm van mijn moeder. De rollen keren zich om als ik afreken of mijn zoon meeloopt bij de trappetjes van het hotel. In zo’n vreemde omgeving is het glashelder dat ik afhankelijk ben van anderen. Die malen daar niet om. Of toch wel? Mijn moeder heeft het liefst dat ik mijn stok niet meeneem. Mijn zus ergert zich aan starende mensen. Mijn zoon lijkt het te negeren. “Wat doet hij het goed met jou”, zegt mijn moeder tegen me. “Iedereen kijkt de hele tijd naar jou.” Ik denk daar nooit meer over na, maar toch zaait deze opmerking van mijn moeder twijfel. ...

Omgevingsgeluid

Afbeelding
 Het is ‘s morgensvroeg als ik op het perron sta en mijn trein binnenrijdt. Net op het moment dat de deuren opengaan, waaraan ik hoor waar ik kan instappen, raast op het spoor achter mij een intercity langs. Even hoor ik niks meer. Gelukkig helpt een medereiziger me. Net op tijd stap ik in. Het is één van mijn nachtmerriescenario’s. Ik zie dan voor me hoe ik mijn trein mis, omdat ik te laat een open deur vind. In de praktijk gebeurt dit me nooit, maar elke bijna-keer voedt mijn onzekerheid hierover. Op weg naar het station had ik ook al pech vandaag. Een veegwagen reed ongeveer gelijk met mij op. Dat ding maakte zo’n herrie waardoor ik behalve dat geluid niets meer hoorde. Het oversteken van straten en fietspaden was dus op hoop van zegen en flink zwaaien met mijn stok. Er was nog niet veel gaande op dit vroege tijdstip dus ik nam de gok en stak over. Bovendien liep ik een zeer bekende route. Als ik diezelfde dag na een lange werkdag uitstap, heb ik weer geen geluk. Het is avon...

Meebewegen

Afbeelding
 De wereld is visueel ingericht. Als je niet kan zien, is dat onhandig. Meestal zijn er trucjes of geitenpaadjes die mij helpen om hier niet echt bij stil te staan. Maar er zijn van die momenten waarop meebewegen voor mij de beste optie is. Al komt mijn opstandigheid soms bovendrijven. Ik ben op mijn werk en ga koffie halen bij onze koffiebar. Mijn thermobeker met deksel is buiten gebruik en ik neem mijn grote porseleinen mok mee. Die gebruik ik wel vaker voor dit doel. Meestal wordt mijn bestelling al gemaakt voor ik hem geef en ik kijk al uit naar de grote cappuccino. Tot mijn verrassing instrueert degene die mijn bestelling opgenomen heeft haar collega om mij een medium formaat te geven. De collega protesteert en zegt dat ze mij altijd een grote geeft, wat ik bevestig. “Nee, nee, op deze beker zit geen deksel veel te gevaarlijk voor die mevrouw. Ik geef haar altijd een medium.” Ik ben stomverbaasd, sputter nog wat, maar besluit deze discussie niet aan te gaan. Oké de kans dat ...

Inclusie, hype of trend?

Afbeelding
 Uiteraard ben ik voor. Er kan veel meer dan je denkt. Als iedereen meedoet in de samenleving wordt het geheel beter en leuker bovendien. Toch schuurt het. Ik werk al ruim 25 jaar dus ja, het kan. Gaat dan alles fluitend? Nee, zeker niet. Is dat erg dan? Natuurlijk niet! Wel vraag ik me steeds vaker af of mijn werk niet anders georganiseerd zou kunnen worden. Beter aansluitend bij mijn kwaliteiten, zodat die optimaal uit de verf komen. Vroeger dacht ik daar nooit over na. Ging het toen beter misschien? Of zorgt de inclusie-hype er voor dat ik me deze vraag stel? Er zijn werkzaamheden waar ik echt goed in ben. Alles uit een gesprek halen bijvoorbeeld, door mijn luchtige toon de angel eruit trekken of gewoon goed luisteren. Maar ik voer niet de hele dag gesprekken. Dat zou ook ondoenlijk zijn. Bovendien omvat mijn functie meer dan dat. Het valt mij op dat zaken die ik vroeger zelfstandig kon, tegenwoordig niet meer gaan zonder hulp. Is dat erg dan? Nee, we zijn inclusief dus er...

Samen spelen

Afbeelding
  Ons huis is opgeruimd en georganiseerd. Dat moet ook, want anders vind ik niks meer terug. De vriendin van onze oudste vindt ons huis daardoor ongezellig. Nou troep is er genoeg hoor, maar niet in beeld. Er zijn bij ons drie huisregels die nageleefd moeten worden: deuren zijn helemaal open of dicht, stoelen zijn aangeschoven en er ligt niks op de grond. Dat laatste leerden onze kinderen van jongs af aan. Uiteraard speelden ze op de grond, maar altijd werd het na afloop aan de kant gezet. Meer dan eens hoorde ik ze vriendjes instrueren: “Niet laten liggen hoor, anders gaat mijn moeder er op staan en dan is het stuk.” We speelden veel samen. Ik vond het heerlijk met Lego, auto’s en blokken bezig te zijn. Ik plakte braillestickers achterop puzzelstukjes en leerde boekjes uit mijn hoofd. Eén van de favorieten van onze jongens was Kapla. (Allemaal even grote kabouterplankjes) Fantastisch spul om te leren construeren, maar ik kon nooit meebouwen.   Met Lego ging het ...

Met andere ogen

Afbeelding
 Zonder twijfel voel ik me het meest blind als mijn prothese-oog eruit is. “Oh, heb jij een prothese-oog dan?” Ja, een fantastisch staaltje vakwerk. Het oog draait mee en is waarheidsgetrouw. Alleen de pupil verandert niet als het donker wordt. Toen ik achttien was, kreeg ik hem en ik heb er een haatliefdeverhouding mee. Het besluit voor een prothese te kiezen, was ingewikkeld. Ik zat middenin mijn puberteit en mijn rechteroog deed onafgebroken pijn, het traande en ik kon geen licht verdragen. Wel zag ik nog licht en donker, waarmee ik me oriënteerde. Op jongere leeftijd zag ik er een fractie meer mee, maar na een operatie op mijn twaalfde begon het gesodemieter. Kies je dan voor pijn en een ultrakleine kans op termijn misschien meer te kunnen zien of sluit je die kans uit en ben je pijnvrij. Na lang wikken en wegen, koos ik voor dat laatste. De eerste tijd bezocht ik jaarlijks, trouw mijn ocularist (degene die de prothese maakt en onderhoud). Een aardige vrouw die vakwerk le...

LinkedIn luisterdilemma

Afbeelding
 Zeker, ook mijn LinkedIn titelregel bestaat uit meerdere woorden. Dat gebeurt snel, omdat functienamen lang zijn en alleen beleidsmedewerker, adviseur of belangenbehartiger niets zegt. Je wil graag weten op welk gebied iemand werkt. Mensen verrichten behalve hun functie meer werkzaamheden die het waard zijn om vermeld te worden. Zelf ben ik behalve beleidsmedewerker ook blogger en dat vertel ik graag, want daar ben ik trots op. Bovendien heb ik veel beleids- en werkervaring en mag het woord senior dus niet ontbreken. Ik heb ook LinkedIn-connecties die in hun titel persoonskenmerken, vaardigheden of andere kreten hebben staan. Heel handig dat je gelijk meer over deze persoon te weten komt zonder het profiel te hoeven openen. Zelf ben ik een frequente LinkedIn gebruiker, lees er vaak op, onderhoud mijn netwerk en deel er mijn blogs. Wat is dan het probleem? Ik werk met voorleessoftware zowel op mijn computer als op mijn telefoon. Als ik een post van iemand lees, moet ik eerst do...

Zonder te kijken

Afbeelding
Het is druk in de trein. Gelukkig staat iemand voor me op en zoals gebruikelijk doe ik mijn oortjes in en beantwoord een paar appjes. Ik zit druk op mijn scherm te typen als een mevrouw die naast me in het gangpad staat zegt: “mevrouw, volgens mij is uw batterij bijna leeg uw scherm is zwart.” Ik schiet in de lach en vertel haar dat ik mijn scherm altijd uit heb staan, spaart batterijen en scheelt meelezers. We wisselen nog wat uit over hoe ik dan wel met mijn telefoon werk en daarna typ ik verwoed verder. Een paar uur later sta ik in de rij bij onze Coffeecorner, hier werken slechthorende en dove mensen. Inmiddels kennen ze mij en ik word altijd geholpen door een van de slechthorende dames die ook zonder gebaren kunnen communiceren. Als ik mijn stempelkaart wil aangeven, stuit ik op het scherm van de kassa. De dame achter de balie beweegt om hem te kunnen aanpakken. Hierdoor verraad ze waar ze staat en ik leg mijn kaart in haar handen. “Ongelofelijk”, roept ze uit, “jij kan zo goed ...

Beste wensen

Afbeelding
  Pling, pling, pling. Het nieuwe jaar is net begonnen en het regent whatsapp-berichtjes. Vluchtig bekijk ik ze. De meesten bevatten alleen de melding “foto” als ik de chat open. Ik weet het, één plaatje zegt vaak meer dan duizend woorden. Toch zou ik een beetje tekst erbij leuker vinden. Zeker, er is tegenwoordig een manier waarop ik deze foto-berichten kan lezen. Ik moet ze daarvoor importeren in mijn AI-app die foto’s kan omschrijven. Uit nieuwsgierigheid doe ik dat een paar keer, maar de beschrijvingen komen allemaal globaal op hetzelfde neer. Het zegt me weinig. Bovendien kost het meerdere handelingen om zo’n foto te laten omschrijven en dus best veel tijd.   Nadat ik op sommige berichten met tekst heb geantwoord, leg ik mijn telefoon aan de kant en besluit me er verder niet meer in te verdiepen. Ook rond de kerstdagen ontving ik een enorme stroom van dit soort foto berichten. Elke keer als ik weer zo’n bericht ontving, voelde ik mijn irritatie toenemen. Best gek want...

Hoge nood

Afbeelding
  “Alweer?” zegt mijn zoon. “Niet te geloven met jou.” Waar het tegenwoordig één van mijn zoons is die dit verzucht, was het vroeger mijn moeder. Ik denk zelfs dat het tussen mijn oren zit. Als ik niet zelf de mogelijkheid heb, komt het op de onhandigste momenten. In een vergadering waar ik zelf niet uit de voeten kan, in een volle kroeg, tijdens een cursus met onbekenden, bij een verjaardag, in een onbekend kantoorpand waar ik voor mijn werk ben en ga zo maar door. Natuurlijk helpen mensen als je het vraagt, ze wijzen je de weg en ze wachten op je. Dat laatste zorgt trouwens voor een ander dilemma. Even rustig de tijd nemen, doe ik dan niet. De ongedwongenheid van een goedziende die tijdens een vergadering op staat en even later weer binnen wandelt of iemand die om zich heen kijkt en snel verdwijnt. Ik zou willen dat ik dat kon. Zelf  probeer ik zoveel mogelijk te voorkomen dat ik iemand stoor met mijn verzoek. Ik ga altijd voor de zekerheid vooraf nog even, drink zo ...

Op reis

Afbeelding
  Na de eerste lange treinreis is het fijn in beweging te zijn. Mijn rugzak voelt zwaar en ik ben duf van het lange zitten. Het station van Kopenhagen ruikt naar diesel. Blijkbaar is er net een dieseltrein gearriveerd. Snel vinden we de uitgang en google-maps wijst ons de weg naar ons hotel dat vijf minuten verderop ligt. Een iets te populaire receptionist heet ons welkom, hij weet wel een lekker Mexicaans restaurantje in de buurt. Als we binnenkomen vallen we middenin een verjaardag waar iedereen in het Deens uit volle borst zingt voor het feestvarken. Gelukkig is er nog een tafeltje vrij. De volgende dag lopen we dwars door de stad. Brede straten, hippe koffietentjes en de zon die schijnt. De stoplichten bliepen alsof je op de intensive care bent, als het groen is, slaat er voor mijn gevoel een hart op hol. Natuurlijk gaan we kijken bij de kleine zeemeermin, doorkruisen parken en luisteren vol verbazing naar de taal om ons heen. Ik kan er geen touw aan vastknopen. Bij het med...

Een schone zaak

Afbeelding
Ik ijsbeer door de woonkamer, zoals gebruikelijk ben ik te vroeg. Als iemand voor mij omrijdt, zorg ik dat ik klaar sta. Ik moet een trein halen, een sprintje op het laatst zit er niet in dus sta ik altijd veel te vroeg op het perron. Samen met een blinde vriendin ga ik naar de film. Om in de bioscoop op onze plaatsen te komen, hebben we hulp van het personeel nodig. Lukt altijd, maar handig om ruim op tijd te zijn. En dan heb ik het nog niet eens over de verdwaaltijd die ik inbouw als ik de weg ergens naartoe niet zeker weet. Om met mijn moeder te spreken: “Als ik al die uren dat ik wacht eens uitbetaald kreeg, had ik nu een gevulde bankrekening.” Mijn moeder had het in dit geval over al die uren in wachtkamers van oogartsen, waar we vroeger samen uren zaten. Ondanks al die uren wachtend op de oogarts werd en bleef mijn zicht vrijwel nul. Juist omdat ik niet zie en vaak afhankelijk ben van anderen of het openbaar vervoer, kan ik mijn tijd niet op scherp indelen. Je zou denken dat ...

Àfkijken

Afbeelding
 Er zijn veel mensen die met handen en voeten praten. Soms bewegen ze zo duidelijk dat ik het hoor als ik met ze praat. Af en toe realiseert iemand zich tijdens een gesprek met mij ineens dat al die gebaren voor mij zinloos zijn. Mijn antwoord is steevast: dank voor het compliment, want ze zijn helemaal vergeten dat ik ze niet zie. Ik heb meestal geen idee wat ze allemaal doen. Ooit pakte mijn zus mijn handen en volgde de gebaren die mijn moeder tijdens haar verhaal maakte. Toen ze het zag, vroeg ze of mijn zus niet zo flauw wilde doen. Ik vond het eerlijk gezegd helemaal niet flauw en was verrast over de hoeveelheid beweging. Zelf zit of sta ik blijkbaar heel stil, voor mij is dat dan weer gewoon, maar door mijn stille houding val ik dan weer op. Al heb ik een paar jaar gezien, ik kan me al die gebaren niet meer herinneren. Ik probeer het weleens, maar het levert me meestal kritische reacties van mijn naasten op. “Wat deed jij nou?” of “jij zwaait wel heel raar.” Het voegt voo...

Mijn boek kopen?

   Ga naar:  https://www.bruna.nl/boeken/braille-blog-9789462473089

Gênant

Afbeelding
  De druppel koffie die, zonder dat ik het door heb, een vlek op mijn shirt maakt, tandpasta die nog in m'n mondhoek zit of wat ik zonder het te weten achterlaat in de wc-pot. Als je niet met je ogen kunt checken, zie je vaker iets over het hoofd. Gênant en ongemakkelijk vind ik dat. Ik gebruik trucjes om te voorkomen dat ik in zo'n situatie terechtkom. De eerste: de ogen van mijn gezinsleden. Voor ik de deur uitga, kijken zij naar mijn kleding en gezicht. De tweede: na het tandenpoetsen spoel ik mijn mond extra goed schoon, veeg flink met de handdoek en doe mijn nette jasje pas daarna aan. De derde: als ik twijfel of mijn kleding een volgende dag nog aankan, gooi ik die uit voorzorg in de was. Toch blijven opmerkzame collega's of medereizigers die aangeven dat de vrije plek waar je wilt gaan zitten vies is, heel fijn. Ik klieder en knoei wat af. Veel controles die ik uitvoer, doe ik met mijn vingers. Is mijn bord helemaal leeg? Is mijn theeglas vol? Ik weet het, dit zo...

Boem is ho!

Afbeelding
 Met een klap raakt mijn hoofd de lantaarnpaal. Ik ben zelf verbaasd over het lawaai. “Waarom heeft mijn stok dat ding gemist?” denk ik vertwijfeld en wrijf over mijn voorhoofd. Schade is er niet, alleen mijn nek voelt niet helemaal lekker. Ik loop een van mijn dagelijkse rondjes en kom hier vaak. Normaal loop ik meer aan de binnenkant van de stoep. Het is vakantietijd, mensen houden hun voortuin daardoor minder goed bij en de takken hangen flink over. Bovendien heeft het net geregend en om te voorkomen dat ik steeds een natte tak in mijn gezicht krijg, ben ik op de rand van de stoep gaan lopen. Ik ben al heel wat lantaarnpalen gepasseerd, maar deze is aan mijn aandacht ontsnapt. Geïrriteerd over mijn eigen onoplettendheid vervolg ik mijn weg. Een auto parkeert en iemand loopt mijn kant op. “Gaat het mevrouw?” klinkt een vriendelijke vrouwenstem. Ik zag u tegen die paal opbotsen en dacht even vragen of alles goed is.” Ik zeg dat alles goed gaat en bedank haar voor haar zorgzaamhe...